Trump gaat mijnbouw naar uranium in nationaal park toestaan, maakt select clubje bankiers klein beetje blij

Een Trump-en-Uranium-topic, over de Russische deal met Uranium One komen we later nog te spreken. Voor nu: waarom staat de Amerikaanse President toe dat een vrij onbeduidend bedrijfje uit Canada toch mag boren in een stuk grond dat voor meerdere Indianenstammen heilig is? Het jaarverslag en het aandeelhoudersregister geven het antwoord. De plotselinge interesse van een paar banken in een noodlijdende club, vlak voor de aankondiging van Trump, doet de wenkbauwen op zijn minst licht fronsen.

Embedden lukt even niet, dus voor het originele item bij de NOS (dat wil zeggen: een Nederlandstalige video) moet u zelf maar even klikken. Bears' Ears is een natuurgebied in Arizona dat door voorganger Obama beschermd werd verklaard. Het gaat dan om het groen omlijnde gebied. Trump besloot in december van het vorige jaar dat 85 procent van het gebied de beschermde status verliest, zodat inwoners van de staat er weer 'konden gaan vissen'. Het groene deel betreft de overgebleven 15 procent en bestaat nu uit twee losse delen. 

Tussen die twee delen ligt een strook land die vol met uranium zit. Het item van NOS meldt ook dat 'een bedrijf' actief druk heeft uitgeoefend om de beschermde status ingetrokken te krijgen. Met een beetje zoeken in de database met jaarrekeningen van de SEC komt vrij snel naar boven om wie het gaat: Energy Fuels uit Canada. Op de pagina's in het jaarverslag waar de risico's voor de aandeelhouders worden genoemd, staat immers uitdrukkelijk te lezen dat het bestempelen van Bears' Ears als nationaal monument erg onwenselijk is voor Energy Fuels. Het was namelijk deze club die een vergunning voor mijnbouw op die plek heeft betaald, waarna Obama mijnbouw op die plek met een pennenstreek verbiedt. 

Dat Energy Fuels is een bijzonder bedrijf. Het heeft een omzet van gemiddeld $ 45 miljoen per jaar, maar slaagde erin om de afgelopen drie jaar een opgeteld verlies te maken dat bijna vijf keer zo groot is als de jaarlijkse omzet. Het balanstotaal bedraagt $ 200 miljoen en is de afgelopen jaren met het genoemde verlies verminderd, vooral door afschrijvingen op goodwill. Zo werd er een concurrent overgenomen tegen, naar later bleek, te optimistische verwachtingen. De helft van het balanstotaal bestaat nu uit de geactiveerde vergunningen, zoals die bij Bears' Ears. 

Energy Fuels heeft last van de grillige uraniumprijs, daar is het jaarverslag duidelijk over. De waarde van de nucleaire brandstof kende twee pieken in de afgelopen twee decennia. Vlak voor 2008 steeg deze tot recordhoogte, omdat de aantrekkende economie de prijs van energie opdreef maar de kredietcrisis gooide roet in het eten. Daarna herstelde de prijs zich weer, maar de nucleaire ramp in het Japanse Fukushima (2011) had duidelijk een negatief effect op de prijs. De daling lijkt te zijn gestopt, maar het is maar de vraag of het winnen van uranium onder de huidige omstandigheden wel rendabel kan zijn, schrijft de directie in het jaarverslag. 

De genoemde pieken zijn duidelijk zichtbaar in het koersverloop van het aandeel. Dat begint vrij speculatief van aard te worden. De schuldenlast is beperkt, maar als er niet snel iets verandert dan is er geen eigen vermogen meer om de aanhoudende verliezen te dekken. In dit tempo is het in het midden van 2019 gedaan met Energy Fuels. 

Toch besluit een select groepje banken en vermogensbeheerders ergens in het derde kwartaal van vorig jaar een belang in Energy Fuels te nemen, daarbij gaat het vooral om Citigroup, UBS en Morgan Stanley. Eigenlijk valt niet in te zien waarom je zo'n positie zou moeten innemen, als je niet weet dat er op het gebied van wetgeving iets staat te veranderen dat erg in het voordeel van het verlieslatende Energy Fuels is.  We gaan het die drie banken eens vragen, waarom ze dit nou doen. Het antwoord laat zich al raden, maar wie niet waagt, wie niet wint.